Op 11 juni aanstaande gaat het wereldkampioenschap voetbal in de Verenigde Staten, Canada en Mexico van start. Dit leek mij een goed moment om eens terug te blikken op faillissementen en herstructureringen van voetbalclubs in Nederland. In de afgelopen decennia zijn namelijk verschillende clubs vanwege een faillissement verdwenen uit het betaald voetbal, denk aan HFC Haarlem, SC Veendam en RBC Roosendaal. Daarnaast stonden andere clubs aan de rand van de afgrond, maar konden zij door een herstructurering voor een faillissement worden behoed.
1. Faillissement van een voetbalclub, hoe werkt dat?
Een goed startpunt is dat voetbalclubs ook failliet kunnen worden verklaard. Alle betaald voetbalorganisaties in Nederland (BVO’s) zijn ondergebracht in een besloten of naamloze vennootschap. Amateurclubs zijn in de regel ondergebracht in een vereniging. Omdat de voetbalclubs zijn ondergebracht in een van deze rechtsvormen kunnen zij, net als gewone bedrijven, failliet worden verklaard.
Een belangrijk verschil tussen het faillissement van een BVO en een reguliere onderneming is dat spelers bij een faillissement van de club in beginsel kosteloos kunnen vertrekken. Daarmee gaat het belangrijkste actief van de voetbalclub verloren. Deze spelers zijn namelijk op basis van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd in loondienst bij de voetbalclub. Nadat zij zijn ontslagen door de curator -en de opzegtermijn is verstreken- staat het hen vrij om bij een nieuwe voetbalclub een contract te sluiten.[1] Daarvoor is de nieuwe club in beginsel geen vergoeding verschuldigd.
Een doorstart is voor een BVO bovendien lastig. De KNVB verstrekt aan alle BVO’s een licentie waarmee zij mogen acteren in het betaald voetbal. Bij het faillissement van de BVO vervalt deze licentie van rechtswege. Een eventuele doorstarter kan een nieuwe licentie aanvragen of zal zich vanaf het laagste amateurniveau weer omhoog moeten werken in de voetbalpiramide.
2. Herstructureren van voetbalclubs door middel van de WHOA
Het voordeel van de WHOA-procedure boven het faillissement van een BVO is dat de werknemers, waaronder de spelers, bij een WHOA-procedure niet worden ontslagen. Daarnaast behoudt de club in beginsel haar licentie. Daarmee blijft bij de WHOA een groot deel van de waarde van de BVO behouden. Sinds de inwerkingtreding van de WHOA in 2021 hebben verschillende BVO’s van deze regeling gebruikgemaakt.
ADO Den Haag was de eerste voetbalclub die gebruikmaakte van de WHOA. Als gevolg van onenigheid onder de aandeelhouders belandde ADO Den Haag in een liquiditeitscrisis. Op 25 februari 2022 homologeerde de Rechtbank Den Haag het door ADO Den Haag aangeboden akkoord. Daarmee werd een schuldenlast van ruim € 17 miljoen gesaneerd tegen betaling van een bedrag van € 1,2 miljoen.[2] Met de recente promotie van ADO Den Haag naar de Eredivisie is dit WHOA-traject tot op heden het grootste succes.
Bijzonder is dat ADO Den Haag voorafgaand aan de homologatie van het akkoord de rechtbank om paulianabescherming heeft gevraagd voor de verkoop van één van haar spelers aan SC Heerenveen. Deze paulianabescherming houdt in dat als de rechtbank een dergelijke bescherming afgeeft, de curator in een eventueel opvolgend faillissement de rechtshandeling niet kan vernietigen op grond van de pauliana. De Rechtbank Den Haag gaf ADO Den Haag deze paulianabescherming uiteindelijk niet, omdat de rechtshandeling niet binnen het toepassingsbereik van artikel 42a Fw viel.[3]
Daarnaast hebben ook VVV-Venlo[4] en MVV Maastricht[5] met succes gebruikgemaakt van de WHOA.
Een minder groot succesverhaal was het WHOA-traject van Vitesse. Vitesse startte deze procedure in april 2024 met het deponeren van de startverklaring bij de Rechtbank Gelderland. De aanleiding voor het starten van de WHOA-procedure was dat Vitesse aan de Common Group een bedrag van circa 14,3 miljoen diende terug te betalen omdat de KNVB de overdracht van de aandelen in Vitesse aan Common Group niet goedkeurde. Daarnaast was Vitesse aan handelscrediteuren een bedrag van € 3,1 miljoen verschuldigd en aan de Belastingdienst een bedrag van € 1,45 miljoen.[6]
Vitesse verzocht direct om een afkoelingsperiode voor een periode van vier maanden. De afkoelingsperiode werd afgewezen omdat niet was gebleken dat de afkoelingsperiode noodzakelijk was omdat geen van de schuldeisers het faillissement van Vitesse had aangevraagd.[7]
Gelijktijdig met het verzoek voor een afkoelingsperiode verzocht Vitesse om de aanstelling van een herstructureringsdeskundige. Deze herstructureringsdeskundige biedt namens de schuldenaar, in dit geval Vitesse, het akkoord aan aan de schuldeisers.[8] Vitesse had de offertes van een tweetal herstructureringsdeskundigen overgelegd aan de Rechtbank Gelderland. Uit de beschikking blijkt dat zij beiden niet voldoende onafhankelijk waren omdat de offertes aan elkaar waren gekoppeld. Degene die niet door de rechtbank zou worden aangesteld als herstructureringsdeskundige zou namelijk advocaat van Vitesse worden.[9] Daarnaast bleek dat een van de twee voorgestelde herstructureringsdeskundigen de vader was van een oud-keeper van Vitesse.[10] De Rechtbank Gelderland heeft vervolgens op voordracht van Common Group een derde aangesteld als herstructureringsdeskundige.[11] Vitesse heeft uiteindelijk met haar schuldeisers geen WHOA-akkoord kunnen sluiten.
Conclusie
De bovenstaande voorbeelden laten zien dat faillissementen en herstructureringen van BVO’s een andere dynamiek hebben dan bij een reguliere onderneming. Waar het faillissement in andere sectoren soms kan worden gebruikt als middel om te herstructureren, betekent een faillissement van een BVO veelal het einde van de club als betaald voetbalorganisatie.
De WHOA biedt in dat opzicht een belangrijk alternatief, maar is geen wondermiddel. Het succes van een WHOA‑traject hangt -net als bij iedere onderneming die gebruik maakt van de WHOA- in sterke mate af van de schuldenstructuur, de bereidheid van schuldeisers om mee te werken aan het WHOA-akkoord en de beschikbaarheid van een nieuwe financiering. Maar bovenal is het van groot belang dat een onderneming tijdig aan de bel trekt. In voetbaltermen: een herstructurering win je niet alleen met goede regels, maar met de juiste opstelling en timing.
[1] M.L. Van der Staaij & M.A.H. Enthoven, ‘Scoren met de WHOA: een succesvolle aanpak voor het herstructureren van voetbalclubs?’, TvI 2024/30, p. 248
[2] Rb. Den Haag 25 februari 2022, ECLI:NL:RBDHA:2022:1450, JOR 2022/187 m.nt. O. Salah, r.o. 2.8. en 6.17.
[3] Rb. Den Haag 25 mei 2021, ECLI:NL:RBDHA:2021:5316, JOR 2021/225 m.nt. A.J. Tekstra.
[4] Rb. Limburg 31 januari 2024, ECLI:NL:RBLIM:2024:465.
[5] Rb. Limburg 28 juni 2024, ECLI:NL:RBLIM:2024:4210.
[6] Rb. Gelderland 25 april 2024, ECLI:NL:RBGEL:2024:2465, RI 2024/45, r.o. 2.5. en 2.6.
[7] Rb. Gelderland 25 april 2024, ECLI:NL:RBGEL:2024:2465, RI 2024/45, r.o. 4.7.
[8] Zie artikel 371 Fw
[9] Rb. Gelderland 25 april 2024, ECLI:NL:RBGEL:2024:2465, RI 2024/45, r.o. 4.22.
[10] Rb. Gelderland 25 april 2024, ECLI:NL:RBGEL:2024:2465, RI 2024/45, r.o. 4.20.
[11] Rb. Gelderland 25 april 2024, ECLI:NL:RBGEL:2024:2465, RI 2024/45, r.o. 4.23 t/m 4.25.

Updates ontvangen?
Wilt u een e-mail ontvangen zodra er een nieuw blogbericht geplaatst wordt? Vul hieronder naam en e-mail adres in.
Door het verzenden van dit formulier verklaart u bekend te zijn met de inhoud van onze privacyverklaring.